| Signalement |
| |
|
| Oorsprong: |
Nieuw
Zeeland |
| |
|
| Biotoop: |
Volgroeid
bos, hoog struikgewas en op boomloze eilanden. |
| |
|
| Uiterlijk: |
Wildkleur:
Overwegend donker groen, randen van de vleugels zijn blauw,
Rode vlek op voorhoofd en achter de ogen. |
| |
|
| Afmetingen: |
Ca.
25-28 CM |
| |
|
| Staart: |
Ca.
16-19 CM |
| |
| In
het wild |
| |
|
De kakariki leeft zowel in beboste en boomloze gebieden in Nieuw
Zeeland, maar altijd rond waterplekken waar ze hun dagelijkse
duik kunnen nemen.
In het wild komt de kakariki niet erg veel meer voor en in 1958
waren er nog 103 exemplaren in Nieuw Zeeland.
Rond de jaren zeventig konden kwekers de autoriteiten in Australië
en Nieuw Zeeland helpen met het herintroduceren van de vogels
in het wild.
Dankzij de kwekers, is de kakariki weer aardig vertegenwoordigd.
Er zijn wel een aantal ondersoorten uitgestorven. |
| |
| Eigenschappen |
| |
|
De
kakariki is een zeer vrolijke en beweeglijke vogel.
Buren zullen zelden klagen over hun geluid (ligt aan je type
buren natuurlijk), wat er tussenin zit van een geit en een zebravink.
Ze houden van klauteren en klimmen, en rennen bijvoorbeeld tegen
het gaas op, en naar beneden, vaak zonder hun snavel te gebruiken.
Ook zijn het actieve "badgasten", zodra ze de mogelijkheid zien,
duiken ze in hun drink of badderbak, waar ze er vrolijk op los
spatteren.
Van het eten maken ze er ook een zooitje van, ze harken met
hun (grote) poten door de voerbak, en halen zo eerst de lekkerste
dingen eruit.
Groter etenswaar houden ze vast met hun pootje, wat altijd een
leuk gezicht is.
(De naam Kakariki is hem gegeven door de maori's, de eerste
bewoners van Nieuw-Zeeland, wat zoveel betekend als "kleine
papegaai".) |
| |
|
| Gedrag |
| |
|
Zoals
ik al eerder vermelde is de kakariki een zeer vrolijke en
beweeglijke vogel.
Ze zijn verschrikkelijk nieuwsgierig, en verkennen ieder hoekje
en gaatje (zelfs onder de etensbak) van de kooi of voliere.
Ook proberen ze overal in te kruipen, zelfs nestkastjes met
een te kleine opening, worden vakkundig verbouwd, totdat ze
er wel doorheen kunnen.
Ze worden makkelijk handtam, en kan goed opschieten met andere
parkietsoorten.
(zorg alleen niet dat ze bij broedende valkparkieten zitten,
omdat ze gegarrandeerd het broedhok ingaan). |
| |
| Verzorging |
| |
|
Een
kakariki is gemakkelijk te verzorgen, hiermee bedoel ik dat
ze niet zoveel anders te verzorgen zijn dan andere parkietachtigen.
Ze hebben wel meer behoefte aan fruit en groenvoer.
Het overige voer is hetzelfde als van een valkparkiet.
Een kakariki heeft wel de eigenschap om snel te dik te worden,
zo ver zelfs dat deze er kan door overlijden.
Houdt dus altijd de kakariki in de gaten, en zet hem zelfs
op dieet mocht deze te dik worden.
(verwijder dan de meeste zonnebloempitten uit het voer, en
geen trosgierst tijdens het dieet).
Houdt er rekening mee, dat ze als een gek door hun voerbak
harken.
Zorg dus voor voerbakken met een hoge rand, omdat er anders
een boel voer door de hele voliere of kooi vliegt.
Ditzelfde geld ook voor het water, zorg dat het drinkwater
in een soort afgedekt bakje moet zitten, waar ze niet in kunnen
duiken.
En zorg voor een apparte schaal om te badderen.
Een kakariki heeft de ruimte nodig, dus het is geen binnenvogel
(mede door hun eet en baddergedrag). |
| |
| Kleurvarianten |
| |
|
Ook
de kakariki kan diverse kleuren bevatten.
De meest voorkomende kleurvarianten zijn:
- Lutino
- Geel
- Cinnamon
- Bont
|
|
| |
|